Acht technieken in de kijker.
Een greep uit mijn aanbod, want er zijn er veel meer. De passie ligt bij de Italiaanse decoratieve technieken, daarnaast vlies, behang en fijn schilderwerk. Kort per techniek: wat ze is en wanneer ze de juiste keuze is.

Italiaanse decoratieve technieken
Het verschil met verf zit in de opbouw. Elke laag is flinterdun en gaat in een andere richting, dus er ontstaat een schakering die in de massa zit en niet op het oppervlak ligt. Daarom verandert zo'n wand mee met de dag: 's ochtends anders dan onder een avondlamp.
Polieren is het echte werk. Onder de druk van het stucmes gaat het marmerpoeder dichtliggen en krijgt de wand zijn satijnglans. Dat venster is kort, dus een wand doe je in één keer uit, van hoek tot hoek.
- Een leefruimte, hall of trapzaal die het karakter van het hele huis draagt
- Wanden waar je diepte en glans wil zonder dat het glimt als lakverf
- Minder geschikt op een ondergrond die nog werkt of nog vocht afgeeft
- Opbouw
- Hechtprimer in de tint van de afwerking, daarna twee tot drie dunne lagen met het stucmes.
- Afwerking
- Polieren in de natte laag, eventueel een zeep- of wasbehandeling voor extra diepte.
- Vooraf
- Een staal op paneel, beoordeeld bij jouw eigen licht.

Metallic en gemalen glasparels
Bij metallic bepaalt de richting van de haal waar de glans gaat zitten. Kriskras werken geeft een wolkig, wisselend effect, in één richting werken geeft een strakke glans zoals geborsteld metaal.
Bij de glasparel-afwerkingen zit het effect in de korrel zelf. Onder strijklicht en bij avondverlichting komt zo'n wand pas echt tot leven, en dat is meteen waar je hem het best zet: naast een raam, achter een spot of achter een lichtlijn.
- Eén wand die de blikvanger van de ruimte moet zijn
- Een hall, een bar, een nis of een wand achter indirecte verlichting
- Minder geschikt over de vier muren van een kleine kamer, dan wordt het onrustig
- Opbouw
- Gronding in een afgestemde tint, daarna twee decoratieve lagen.
- Effect
- Hangt volledig af van de lichtinval, dus we kiezen samen de wand voor we het product kiezen.
- Vooraf
- Altijd een staal op paneel, en dat paneel zetten we op de plaats waar de wand komt.

Naadloze afwerking
Twee à drie millimeter opbouw, dus je verliest geen ruimte en je deuren blijven passen.
Wat je koopt is de afwezigheid van voegen: geen enkele lijn waarin vuil of schimmel kan gaan zitten. De kleur zit in de massa, dus een schrammetje verandert de tint niet.
- Badkamers en inloopdouches waar je geen voegen meer wil
- Een tafelblad, keukeneiland, trap of raamtablet in dezelfde afwerking als de muur
- Niet op een ondergrond die nog werkt, en niet bij opstijgend vocht
- Opbouw
- Hechtprimer, dunne lagen tot twee à drie millimeter, polieren, daarna de beschermlagen.
- Droogtijd
- Ongeveer 24 uur tussen de lagen, volledig uitgehard na een tot vier weken.
- Onderhoud
- Neutrale zeep en water. Geen schuurmiddel, bleekwater of ontkalker.

Kalktechnieken
Kalkverf gaat verdund met de kwast in twee lagen en houdt de wolking en de streek van de hand. Kalkstuc breng ik dikker aan met het stucmes en polier ik na, wat een satijnmatte, gladdere muur geeft die trager slijt.
Omdat er geen kunststoffilm ontstaat, blijft de muur dampopen. Op een oude, vochtgevoelige muur is dat vaak precies wat ze nodig heeft. Kalk is bovendien sterk basisch, en daar houden schimmels en algen niet van.
- Woonkamers, slaapkamers en halls waar je diepte en rust wil
- Oude muren die moeten kunnen ademen, in kalk- of kleipleister
- Niet zomaar op een glanzende of gesloten ondergrond, die laat geen damp door
- Opbouw
- Grondlaag in dezelfde tint, daarna twee kalklagen met kwast of stucmes.
- Droogtijd
- Vier tot zes uur op de grondlaag, acht tot vierentwintig uur tussen de kalklagen. Volledig doorharden duurt weken.
- Onderhoud
- Kalk is van nature niet afwasbaar. In een keuken, gang of badkamer zet ik er een impregnatielaag op.

Borsteltechniek
De richting bepaalt alles. Eén keer horizontaal en daarna verticaal geeft een geweven, linnenachtig uitzicht. Kriskras werken met wisselende aanzetten geeft een zachte wolking zonder patroon.
Het verschil met sponswerk zit in de lijn. Een spons dept en verzacht, een kwast sleept en structureert. Daarom kiest bijna iedereen die diepte wil zonder drukte voor de borstel.
- Eén muur die het karakter van de hele kamer draagt
- Licht oneffen muren, want de schakering neemt kleine oneffenheden op
- Minder geschikt op een wand in scheerlicht, want daar springt elke onvolkomenheid net méér uit
- Opbouw
- Grondlaag die een volle dag droogt, daarna twee dikke lagen die ik natte laag bewerk.
- Gereedschap
- Blokkwast voor het lijnwerk, tampicokwast voor de fijnere streep.
- Vooraf
- Altijd een staal op paneel, beoordeeld bij jouw eigen licht.

Croco
Croco trek ik volledig met de hand, dus het patroon herhaalt zich nergens en geen twee wanden zijn dezelfde. Hoe diep ik trek, bepaalt het karakter: diep oogt het grof als leer, ondiep wordt het een fijne, gebarsten huid.
Het effect komt van de belichting. Een spot of een lichtlijn die van boven langs de wand strijkt, zet elke schub in de schaduw. Recht van voren belicht valt datzelfde reliëf plat.
- Eén wand of een nis die de blikvanger moet zijn: een hall, een bar, een tv-wand
- Meubelfronten, een schouwwand of een deurpaneel in dezelfde afwerking als de muur
- Minder geschikt in een smalle gang of een kinderkamer, want in het reliëf gaat stof zitten en het schuurt bij het passeren
- Vooraf
- Een staal op paneel, zodat je grof of fijn kiest bij jouw eigen licht.

Vlies en behang
Glasvlies houdt na het schilderen een fijne weefselstructuur, renovlies is glad en laat een muur achter alsof er nooit iets op gezeten heeft. Op oudere plafonds is dat vaak de enige manier om nog een echt strak vlak te halen.
Het werk zit in de naden, en dat geldt evengoed voor behang. De banen gaan stotend tegen elkaar, zonder overlap, want een overlap zie je na het schilderen altijd terug. De eerste baan zet ik uit met de laser en niet op het oog van de hoek, want geen enkele muur staat perfect haaks en twaalf banen verder loopt het patroon dan scheef weg.
- Plafonds en muren met haarscheuren, waar verf alleen niet volstaat
- Renovaties met pleisterwerk dat gezond maar niet perfect vlak is
- Behang in klassiek papier, vinyl, textiel of fotobehang op maat over de volle breedte van één wand
- Niet bij vocht van achter de muur: die oorzaak moet er eerst uit
- Opbouw
- Primer, lijm op de muur, banen stotend geplaatst, daarna twee lagen muurverf.
- Droogtijd
- Ongeveer 24 uur voor de eerste laag verf erop mag. Bij behang 24 tot 48 uur, met ramen en deuren dicht, want tocht trekt de naden open.
- Onderhoud
- Overschilderbaar zo vaak je wil, en blijft twintig jaar en langer zitten.

Schilderwerk binnen en buiten
Het WTCB onderscheidt drie uitvoeringsgraden. Graad II is de standaard: gaten en scheuren weggewerkt, uniform van kleur en dekking, met hier en daar een zone die nét anders oogt. Wil je graad III, dan komt er volvlakkig plamuren en een tussenlaag bij, en dat zeg ik er op voorhand bij.
Buiten draait alles om een dampopen systeem dat mee kan bewegen met het hout en het metselwerk. Een dichte laag over vochtig hout bladdert de winter erna af, en een gevel dichtsmeren met een dampdichte verf is een van de duurste fouten die je kan maken.
- Muren, plafonds, deuren, ramen, plinten, trappen en radiatoren binnen
- Gevels, buitenschrijnwerk en poorten die vergrijsd zijn of bladderen
- Buitenwerk niet in de winter en niet op vochtig hout: dan plan ik het in het voorjaar
- Voorbereiding
- Afdekken, afplakken, ontvetten, schuren, plamuren, ontstoffen en gronden.
- Opbouw
- Grondlaag afgestemd op de ondergrond, daarna twee afwerklagen. Op gevels een dampopen siliconenharsverf.
- Afspraak
- Elke werkdag eindigt met een opgeruimde werf.
Vragen over een techniek?
Bel gerust voor advies. Ik kom vrijblijvend langs, kijk naar de ondergrond en zeg welke techniek hier past.